Algemeen

Houtsoort: Ebben

Atibt

ébène

Andere namen

Bruin ebben, zwart ebben
1. Ceylon ebony, Ceylon ebben (Sri Lanka). 2. Afrikaans ebben, Kongo ebben, Gabon ebben, African ebony, ébène, mevini (Kameroen), evila (Gabon), ebano (Guinee), abokpo (Nigeria), n'goubou, bingo (Centraal-Afrikaanse Republiek). 3. ebène de l'Asie, ébène noire d'Asie, East-Indian ebony, black ebony, Indisch ebben, trayung (Cambodja), kaju hitam (Indonesië), kaju arang (Maleisië), kamagong (Filipijnen), kaju malam (Sabah), ma klua (Thailand), mun (Vietnam). 4. Andaman ebben, Andaman marblewood, zebrawood. 5. Madagascar ebben, ebène.

Botanische naam1. Diospyros ebenum J. König. 2. Diospyros crassiflora Hiern. (= D. evila Pierre), D. kamerunensis Gurke, D. spec. div. 3. Diospyros buxifolia (Bl.) Hiern., D. melanoxylon Roxb., D. mun (A.Chev.) H.Lec.., D. spec. div. 4. Diospyros marmorata Parker. 5. Diospyros perrieri Jum., D. spec. div.
Familie

Ebenaceae.

Groeigebied

1. Sri Lanka. 2. Tropisch West- Afrika. 3. Zuidoost-Azië. 4. Andamanen. 5. Madagascar, tropisch Oost-Afrika.

Boombeschrijving

Meestal kleine bomen, hoogte 15-18 m, met een takvrije rechte cilindrische stam van 3-10 m, maar meestal minder lang, diameter 0,3-0,6 m, maximaal 0,9 m.

Aanvoer

Zaaghout, gekantrecht hout en fineer. Zaaghout en gekantrecht hout, meestal als halve- en kwart-stammen ontdaan van schors en spint, lengte 1,5 m, diameter 0,3 m, die per kilo worden verkocht. Ebben wordt na het zagen in paraffine gedompeld om snelle uitdroging en daardoor scheurvorming te voorkomen.

Houtbeschrijving

Ceylon ebben is zwart, met soms een paar onregelmatige lichtbruine strepen. In andere ebbensoorten kunnen ook licht gekleurde strepen aanwezig zijn. Andaman ebben heeft een opvallend contrast tussen vrijwel wit en zwart hout. Het geelwitte spint met soms zwarte strepen is duidelijk te onderscheiden van het kernhout. Ebben is sterk en hard. Het zwarte kernhout is brosser dan het lichtgekleurde spint.

Houtsoort

loofhout

Draad

Recht, kruisdraad kan voorkomen.

Nerf

Fijn.

Volumieke massa

1. (1050-) 1100(-1150) kg/m3 bij 12% vochtgehalte.
2. (1000-)1100-1200(-1250) kg/ m3 bij 12% vochtgehalte, vers 1200-1400 kg/m3.
3. (800-)1050(-1200) kg/m3 bij 12% vochtgehalte.
4. 1030 kg/m3 bij 12% vochtgehalte.
5. (1050-)1100(-1150) kg/m3 bij 12% vochtgehalte, vers 1300- 1400 kg/m3.

Werken

Middelmatig tot groot.

Drogen

Zeer langzaam. De zwarte delen van alle soorten zijn moeilijk te drogen. Sommige ebbesoorten krijgen lange, fijne, diepe scheurtjes als ze in grotere afmetingen worden gedroogd. Getracht moet worden in zo klein mogelijke afmetingen en zo langzaam mogelijk te drogen.

Bewerkbaarheid

In verhouding tot het hoge gewicht en de daarmee samenhangende hardheid zijn de ebbensoorten nog redelijk gemakkelijk te bewerken. Voor het schaven wordt een snijhoek van 20° aanbevolen. Het laat zich goed draaien. Het fijne droge houtstof irriteert de slijmvliezen.

Spijkeren en schroevenVoorboren noodzakelijk.
Lijmen

Goed.

Buigen

Zeer slecht.

Oppervlakafwerking

Slecht. De droging wordt vertraagd bij afwerkmiddelen op basis van olie en polyester. Filmvorming is moeilijk bij middelen op basis van polyester. Bij middelen op basis van nitrocellulose kan doorslaan van de kleurstof optreden. Ebben kan zeer goed worden gepolijst.

Duurzaamheid

I. Uit India en Sri Lanka wordt gerapporteerd dat ebben bestand is tegen aantasting door termieten.

Impregneerbaarheid

Kernhout zeer moeilijk.

Bijzonderheden

Afrikaans grenadille (ébène de Moçambique), een Dalbergiasoort, wordt wel eens verward met ebben. Afrikaans grenadille is ook praktisch zwart en is momenteel de belangrijkste soort voor de fabricage van houten blaasinstrumenten.

Toepassingen

Draai-, snij- en beeldhouwwerk, inlegwerk (intarsia), siermeubelen, schaakstukken, onderdelen van muziekinstrumenten zoals pianotoetsen, vioolonderdelen en blaasinstrumenten. Verder voor sierwerk, knoppen, grepen, lijsten, onderdelen van meubelen, fineer en triplex voor panelen en betimmeringen, borstels, sieradenkistjes enz.